Categoriearchief: ziel

De ziel, de drager van de geest.

soulmate

Wie wil er niet een soulmate, iemand met wie het klikt, bij wie de vonk overspringt? Ook al knettert het in de relatie met je soulmate, je weet dat je onlosmakelijk met elkaar blijft verbonden. Andere woorden voor soulmate zijn geestverwant en zielsverwant. Eigenlijk zeggen deze woorden het al. Een soulmate is iemand met wie je niet alleen je geest deelt, gedachten, gevoelens en ambities, maar ook je ziel. Je ziel is de drager van de geest, het diepe gevoel van verbondenheid met alles en iedereen. Je kunt je ziel, net als de wind, niet vastpakken. Je kunt haar alleen indirect horen, zien en voelen. Met een soulmate deel je deze ervaring. Volgens sommigen zelfs gedurende meerdere levens.

Zie ook:
lichaam of ziel
50 aantrekkelijkheden

bezield

Er is een groot verschil tussen bezield worden en bezield zijn. Wanneer je bezield wordt, loop je het risico dat er met de bezielende kracht vervuilende elementen bij je naar binnen sluipen zoals godsdienstige en sociale dogma’s. Beter is het om onafhankelijk van de buitenwereld op zoek te gaan naar je ziel. Je ontdekt deze door gedisciplineerd je talenten te ontplooien. Gedisciplineerd in de zin van aandachtig en doelgericht bezig zijn zonder je doel los te laten. Het doel verdwijnt terwijl je aandachtig bezig bent. Bijvoorbeeld de muzikant die opgaat in de muziek en tijdens het spelen beseft dat hij niet de bespeler van zijn instrument is maar dat hij zelf het instrument en de muziek is. Het moment waarop hij niet bezield wordt maar de ziel is.

 

zen en de kunst van het schrijven

Ik ben geen schrijver. Om mezelf schrijver te kunnen noemen zou ik vlotter en expressiever met de taal om moeten kunnen gaan. Toch blijf ik schrijven. Schrijven is voor mij wat bloemschikken of het onderhoud van de kloostertuin voor een zenmonnik is. Bewust van mijn beperkte talent reik ik al schrijvend diep in mijn ziel waar ik de bevrijdende en verlichtende betekenis van het leven ervaar. Wat wil ik nog meer?

Zie ook:
kleine of grote k
leven met beperkingen

 

lichaam of ziel

Er zijn veel getuigenissen van mensen die een ziekte hebben overwonnen door gezond te gaan leven. Dit wekt de suggestie dat lichamelijke klachten verdwijnen wanneer je ervoor kiest om te werken aan een gezond lichaam. Mijn parkinson klachten confronteren me met een andere keuze: Richt ik mijn aandacht op het verminderen van mijn fysieke klachten of richt ik me op mijn geestelijk welzijn? Terwijl ik deze vraag probeer te beantwoorden moet ik denken aan schaakgrootmeesters. Ik dien mijn ziel af te schermen van de ongemakken van mijn lichaam zoals schaakgrootmeester dat doen door zich tijdens een wedstrijd af te sluiten voor de storende invloed van hun omgeving.

Zie ook:
soulmate
als je maar gezond bent

 

eudaimonía

Doorvragend op de opvattingen van zijn gesprekspartners legde Socrates de essentie van hun moraal en opvattingen bloot. Voor hemzelf leidde deze reflectie tot de uitspraak ‘Het enige wat ik weet, is dat ik niets weet.’ Zijn leerling Plato ging minder ver. Volgens hem leven we in een ruimtelijk gebonden wereld die de schaduw is van de echte wereld, een wereld van ongebonden abstracte ideeën. Volgens Aristoteles was de natuur de enige werkelijkheid en waren abstracties het product van de manier waarop we de natuur waarnemen en met ons denken categoriseren. Moderne wis- en natuurkundigen gaan verder op de door deze filosofen ingeslagen weg. Zij onderzoeken empirisch en logisch redenerend de natuur en proberen de abstracties te benoemen van waaruit de natuur zich heeft gevormd. Waar zij zich voor lijken af te sluiten is wat Aristoteles eudaimonía een ‘goede ziel’ ofwel geluk noemt. Volgens hem kan het geluk worden gevonden tussen uitersten. Wanneer je dit toepast op de gecombineerde visie van Socrates, Plato en Aristoteles dan kun je het geluk vinden tussen aan de ene kant het weten dat is gebaseerd op de concrete werkelijkheid welke is gevormd vanuit abstracties en aan de andere kant dat wat zelfs Socrates niet wist.

Zie ook:
het enige dat ik weet ..
schaduwwereld

 

Wat drijft mij voort?

De vraag blijft terugkomen: Wat drijft mij voort? Is het mijn voortplantingsdrift, mijn overlevingsdrang  of is het misschien de oerknal die in mij voortraast? Stel dat het de oerknal is, wat heeft deze dan in beweging gezet? Ik besef dat ik niet verder kom met deze vraag. Formuleer ik de vraag misschien verkeerd? Moet ik het woord ‘wat’ in ‘Wat drijft mij voort?’ loslaten? Bestaat er geen oorzaak en gevolg? Zijn oorzaak en gevolg slechts axioma’s zonder welke mijn denken niet kan functioneren? Waarom laat ik trouwens de hele vraag niet los? Ik glimlach terwijl ik in de spiegel van de ziel kijk en voel de rust van wat was, is en zal zijn.

Zie ook:
Waar komt mijn drive vandaan?
oerkracht

 

neurologisch geluk

Er zijn drie neurotransmitters die belangrijk zijn voor een genotservaring. Wanneer ik me beperk tot de belangrijkste functies dan is dopamine het molecuul dat je ertoe aanzet om iets te bereiken. Serotonine geeft rust, zelfvertrouwen en een lichte euforie. Adrenaline levert de fysieke kracht. Deze drie neurotransmitters maken het mogelijk om te genieten van je werkzaamheden. Genot is echter nog geen geluk. Geluk wordt ook bepaald door de mate waarin je vrede en liefde ervaart. Hiervoor heb je endorfines nodig, opiaatachtige hormonen. Om de liefde in een breder verband te ervaren heb je bovendien oxytocine nodig, het knuffelhormoon. Dit hormoon zorgt ervoor dat je jezelf verbonden voelt met anderen. Wil je het hoogst mogelijke neurologisch geluk ervaren dan zullen al deze hormonen en neurotransmitters op elkaar afgestemd moeten zijn in een gezonde mix van activiteiten behorende bij de afzonderlijke functies. Wil je zielsgelukkig zijn dan zul je dit neurologisch geluk niet-reactief moeten leren observeren en loslaten.

Zie ook:
zielsgelukkig
vlooien