Categoriearchief: concentratiekampen

Vervolgingen en moord in de concentratiekampen gedurende de tweede wereldoorlog.

industriële moord

Het industriële karakter van de vernietigingskampen dringt nu pas echt tot me door. In een industrieel proces worden planmatig grondstoffen aangevoerd om energie te leveren voor het productieproces en worden andere grondstoffen bewerkt tot een product. Hierna worden de producten bij de gebruiker afgeleverd. Wanneer dit proces stagneert hopen de grondstoffen en halffabricaten zich op in de fabrieken en magazijnen. Aangevoerd met goederenwagons werden nazi slachtoffers gebruikt als arbeidskracht in de vernietigingskampen. Vervolgens werden alleen al in Auschwitz tot 4500 slachtoffers per dag vergast en gecremeerd. Wat niet werd verbrand, kleding, haren, gouden kiezen en andere waardevolle zaken werden afgevoerd naar Duitsland waar ze werden gebruikt in de oorlogsindustrie of werden verdeeld onder Duitse consumenten. Toen het vernietigingsproces tegen het einde van de oorlog stagneerde hoopten de lijken zich op in de doodsfabrieken.

 

reïncarnatie

Een van de dingen die het leven boeiend maken is de mogelijkheid om zelfreflecterend allerlei onderwerpen te onderzoeken. Neem reïncarnatie, het geloof dat je op aarde terugkomt om onverwerkte gebeurtenissen uit een vorig leven te verwerken. Dit zet me aan het denken. Wat zou ik in mijn leven kunnen herleiden naar een vorig leven? Als er één onderwerp is dat daarvoor in aanmerking komt dan zijn het wel de concentratiekampen in de tweede wereldoorlog. Doordat ik me er uitgebreid in heb verdiept is de fascinatie die ik ervoor had langzaam afgenomen. Daarnaast heb ik tot mijn vierentwintigste nachtmerries gehad waarbij ik rennend in een donkere straat op de vlucht was. Dit stopte toen ik me voornam om wanneer ik de droom weer zou hebben mezelf om te draaien en het gevaar in de ogen te zien. Alleen al dit voornemen bleek voldoende om een einde te maken aan de nachtmerrie. Stel dat reïncarnatie werkelijk bestaat dan zou je kunnen zeggen dat ik in een vorig leven slachtoffer ben geweest van vervolging en dat ik deze ervaring in dit leven heb verwerkt.

Zie ook: mission statement

 

voortdenderende trein

Een van de gruwelijke beelden uit de tweede wereldoorlog zijn de veewagons afgeladen met mannen, vrouwen, opa’s, oma’s, vaders, moeders, kinderen. Wanneer ik me daarin probeer te verdiepen denk ik niet alleen aan de ellende, de stank, wanhoop en het verdriet. Ik denk ook aan de film ‘La vita è bella’ waarin een vader met zijn zoontje in een concentratiekamp belandt en hem met verhaaltjes en spelletjes de ellende probeert te laten vergeten. Ik mag en kan mijn lot niet met dat van de slachtoffers vergelijken maar ik voel me soms ook in een voortdenderende trein zitten waarvan de bestemming ongewis en waarschijnlijk onprettig is. Ik probeer soms ook te ontsnappen aan wat me overkomt door in mijn geval de trein geestelijk en emotioneel te verlaten met schrijven, fietsen of door gewoon even te genieten van iets lekkers, een bakje koffie of een straaltje zon.

 

afscheid van Auschwitz

Ik ben al jaren op zoek naar de bron van het geweld. Confronteer mezelf met verhalen en beelden van slachtoffers en daders, van concentratiekampen en folteringen in verleden en heden. Ben afgedaald in het inferno van lijden, pijn, wanhoop en verdriet. Aanbeland in de diepste krochten van de hel besef ik dat ik de gruwel achter me wil laten en me wil richten op de schoonheid van het leven, het begrip, de vreugde en tederheid van het zijn.

 

kapper in Treblinka

Ik begrijp weer iets beter de gruwelijkheid van de concentratiekampen in de tweede wereldoorlog. Enkele jaren geleden kreeg ik na een bezoek aan Auschwitz meer inzicht in de daders. Ik ben nu dichter bij de slachtoffers gekomen. Dit gebeurde bij het zien van de documentaire ‘Sjoah: kapper in Treblinka’. Ik stond plotseling in de schoenen van de kapper. Heb even zijn emoties beleefd. Dit moment was zo heftig dat ik niet uit mijn woorden kon komen toen ik erover wilde praten. Ik probeerde, net als de kapper, me er overheen te zetten door mijn dagelijkse werkzaamheden op te pakken maar de wond bleef. De wond begon te genezen toen ik op straat de liefde zag tussen een moeder en haar kind.

Documentaire “Sjoah: kapper in Treblinka”: deel 1 en deel 2.

 

Etty Hillesum

Een vrouw waar ik een grote bewondering voor heb is Etty Hillesum. In de tweede wereldoorlog werkte zij voor de Joodse Raad in Westerbork. Als vrijwilligster had zij meer rechten dan andere Joodse gevangenen. Hierdoor kon ze brieven sturen naar vrienden buiten het kamp. Uit deze brieven komt een liefdevolle vrouw naar voren die in staat was om binnen de gruwelijke omstandigheden waarin ze verkeerde anderen te steunen. Deze naastenliefde belemmerde haar niet om haar bewustzijn te koesteren en te laten groeien. Een belangrijk moment in deze groei is haar vertrek uit Westerbork. Nadat ze op alle manieren had geprobeerd om voor haar familie uitstel te krijgen is ze samen met hen op transport gesteld naar Auschwitz waar ze in 1943 is vermoord. Volgens de overlevering besloot ze om niet bij haar familie in de wagon plaats te nemen. Ze had afzondering nodig om tot zichzelf te komen. Ze wist dat de toekomst weinig goeds voor haar zou brengen. Ik weet niet of ze de persoonlijke ruimte en rust in de trein en in Auschwitz heeft gevonden. Misschien zijn haar menselijke beperkingen geëxplodeerd en is haar bewustzijn in de knop gestorven. Maar is het niet het mooie van de knop dat ze de bloem al in zich draagt? Zie: Citaten Etty Hillesum

 

zestig jaar later

Ik heb al jaren een obsessie voor de holocaust. Ik heb er tientallen boeken over gelezen. Zocht daarin naar antwoorden op twee vragen: Waar kwam het geweld vandaan en waarom hebben de slachtoffers het zo lijdzaam ondergaan? Ik ben tot de conclusie gekomen dat ik de verkeerde vragen heb gesteld. Mijn vragen veronderstellen dat ik geen deel uitmaak van het geweld en dat reageren op geweld de enige logische reactie is. Kijkend naar mezelf heb ik de bron ontdekt van het geweld: de moordzuchtige razernij van het roofdier, de controledrift van de seriemoordenaar, de anticiperende gehoorzaamheid van de beul, de kille arrogantie van de dogmaticus, de opluchting van de meeloper, de desinteresse van de voorbijganger. Ook mijn tweede vraag: waarom de slachtoffers het geweld lijdzaam hebben ondergaan, klopt niet. Zij houdt namelijk geen rekening met de grootsheid van hen die hun haat wisten te onderdrukken, die hun lijden sublimeerden, die zijn gestorven met een arm om iemands schouders geslagen en met hen die, overgeleverd aan zichzelf, zijn doorgegaan met leven. Het zijn hún antwoorden die ook mij bevrijden nu zestig jaar later.

Zie ook: zeventig jaar later